Augustus is dè vakantiemaand in Frankrijk. Dat wil dus zeggen dat iedere Bask hier gewoon thuisblijft met als enige verschil dat familie uit verre oorden (lees: buiten Baskenland) voor minimaal een week weer hier thuis is. Voordeel is dat je niemand hoeft te vragen hoe hun vakantie was, nadeel is dat je geen leuke vakantieverhalen hoort.
Niet alleen de Baskische diaspora komt terug op bezoek, in Frankrijk en Spanje zijn er veel ‘gens du voyage’ oftewel ‘reizigers’, die in intimiderende colonnes van 200 campers en caravans door Frankrijk trekken. In Nederland is destijds een groot deel van de reizigers, Roma en Sinti gedwongen om in vaste woonwagenkampen te verblijven, maar een deel is ook in Nederland nog nomadisch, reizend van schaarse officiële standplaats naar illegale plek. In Frankrijk zijn gemeenten groter dan 5.000 inwoners verplicht om ruimte beschikbaar te stellen voor de reizigers; voor een week of voor de wintermaanden. Onze nabij gelegen gemeente Saint Palais heeft iets meer dan 2.000 inwoners, maar ontvangt toch jaarlijks 400 reizigers die eigenlijk illegaal op het evenementenveld staan. Dat kan de gemeente amper aan, maar ze leiden de bende netjes in overleg met de reizigers in goede banen. Ik zie er wel een snelle oplossing van de Nederlandse woningnood in: geen woningen meer bouwen, maar campers op trekkersvelden zetten. Als zomervakantie ruilen de woningbezitters met de camper-bewoners.

Wij bezochten Biarritz als uitje, op die ene dag dat het ietsje minder warm was. Biarritz heeft een rijke geschiedenis aan architectuur uit de belle epoque, met art deco en Marokkaanse stijl, met hotels en villa’s waar Josephine Baker en Coco Chanel kind aan huis waren. Dat ademt de stad nog steeds wel een beetje uit, hoewel de surfdudes inmiddels overheersen. Die zien er dan wel weer uit als een stevig gebruinde Iggy Pop!

Ondertussen heeft Luuk zijn gegeerde aanhangwagen gekocht, another toy for the boy. Dus we hebben gipsplaten naar binnen gesleurd, groot afval bij het milieupark afgeleverd en bij een vide grenier een pingpongtafel (Moniek!), cateringkisten en een antieke werkbank opgehaald. Hadden we nooit gedaan als we die aanhanger niet hadden. Als je plek hebt, verzamel je spullen, dus vandaar dat er iedere dag in Frankrijk vide greniers (lege schuur) rommelmarkten zijn, zodat die spullen af en toe van de ene naar de andere schuur gaan. Permanent koningsdag.

Het blijft spitsuur in de tuin. Dit jaar ben ik wat eerder bij de vijgen gaan staan, om de hornaars te vroeg af te zijn. Dat is gelukt, dus nu heb ik vijgenjam en gedroogde vijgen genoeg. De appelcider die ik maakte smaakte goed, dus dat is wel een blijvertje, evenals de tomatensaus en tomatenketchup. Over twee weken is de notenlikeur klaar, ik hou je op de hoogte. Ik heb alleen nog steeds noten van vorig jaar, terwijl nu alweer de noten naar beneden keilen, dus wie wil, kom maar halen. Want als ik die noten in de tuin gooi, komen er volgend jaar nieuwe notenboompjes uit, en dan ben ik nog verder van huis.
De kippen leggen eieren op de gekste plekken, zodat ik dagen lang moet zoeken. Al vier of vijf keer zijn ze van plek gewisseld, en zie maar eens lichtbruine eieren te vinden op een terrein van 1,5 hectare hoog gras. Ik ben dan ook best trots als ik ze vind, maar zodra dat is gebeurd, gaan ze expres een andere plek zoeken. Pestkoppen zijn het.
Hierboven: Winterochtend 2025 – Zomermiddag 2026

