Deze post duurde even, want ik was maar liefst 14 – veertien, quatorze! – dagen onder de pannen met een buikgriep. Ik had in mijn (nu niet meer zo) favoriete restaurant mijn (nu niet meer zo) favoriete zalmforel gegeten. Nou, ik heb het geweten. Gelukkig was Heleen, een zus van Luuk op bezoek (links op de foto), die me heerlijk heeft bemoederd. Nu ben ik weer in oude doen, dus hoogste tijd voor een zomerse update.
Voordat iedereen denkt dat ook ons huis in de fik staat: nee, de bosbranden zijn afgrijselijk, maar tot nu toe nog altijd op drie uur rijden afstand. Goed om te weten: hier mag je in de zomer niet zomaar de barbecue aansteken, daar heb je toestemming van de burgemeester voor nodig. Zonder dollen en iedereen snapt dat. Ik zie de protesten al voor me als in Nederland zo’n regel zou worden ingesteld. Ook zijn de bossen afgesloten voor publiek en geldt er tussen 8 en 20 uur een sproeiverbod. Dat laatste helpt natuurlijk niet tegen bosbranden, maar ja, we moeten ook zuinig omgaan met water. Wij sproeien uit onze reservoirs, dat mag natuurlijk wel. De temperatuur is hier heel vaak boven de 30 graden, maar met een briesje of een flinke wolk is het prima uit te houden.
In juni tikten we de 40 graden+ aan, dat vonden de kippen toch wat te gortig. Agnetha werd bovendien broeds en zat bij die temperatuur in de volle zon op het nestje. Om een kip broeds af te maken, moet je haar onderkantje koelen. Ik legde daarom een rekje op het nest en maakte haar bleke lelletjes vochtig et voila, het meiske knapte zienderogen op. De vier kippen huppelen nu vrij over het erf, zodat ze voldoende schaduwplekjes kunnen vinden. Nu zijn ze wel van de leg door de warmte. Of ze leggen de eieren ergens anders, want Luuk ontdekte wel een grote hoop van 13 eieren op een andere plek. Zo lijkt het hier wel iedere dag Pasen.
Inmiddels hebben we een extra dier in onze roedel: een ree. Die heeft haar schuilplaats gevonden op ons terrein, daar waar ooit de vijver moet komen. Overdag ligt ze daar rustig te herkauwen en in de schemering struint ze ons terrein af op zoek naar jonge lootjes. Ik heb de boontjes nu dus maar beschermd, maar de vlierbessen en framboos zien er niet meer uit. Ik vertelde een buurman vol trots dat we een ree in de tuin hebben liggen. ‘Oh, je kunt gewoon een strop leggen’, zei hij. Ik moet nog steeds wennen aan het cultuurverschil hier en ik ga er voor het gemak maar vanuit dat de jagers uit het dorp deze blog niet lezen.

Ook nog even een update over de merels van de vorige post. Drie van de vier eitjes werden succesvol uitgebroed. Binnen no time vlogen ze uit. Maar de ouders lagen daarna dood onder het nestje, niet door toedoen van de kat dit keer, maar uit pure uitputting. Ja, lieve kindertjes, dat hebben onze ouders allemaal voor ons over!
Ondertussen doet de flora het beter dan vorig jaar. De hugelbedden doen hun werk, de tomaten zijn het meest succesvol, met overladen pomodori en kerstomaatjes. Dan het bed met de grote dingen: meloenen, pompoenen en courgettes. Vooral de bloemen vind ik leuk en lekker. Het bed met bladgroenten had ik met van alles ingezaaid, maar alleen de regenboogsnijbiet komt op. Mij hoor je niet klagen, hoor. De boontjes moet ik zien of die nu wel beschermd zijn tegen de vraat. Bovendien komt in dat bed van alles op wat ik niet geplant of gezaaid heb. Het blijkt dat het snoeihout onderin het bed uitloopt en doodleuk verder groeit. Zelfs de klimpaaltjes lopen uit en zo heb ik onverwacht blauwe regen, perzik, laurier en olijfwilg in mijn groentebed.

De boomgaard blijft een zorgenkindje. Er was al een boom omgewaaid, nu zijn vier andere bomen dood gegaan vanwege ziekte, de droogte vorige zomer en/of de kou in de winter. Ik weiger ze extra water te geven, ze moeten na 10 jaar zich op eigen kracht kunnen redden. Of is dat de Trump in mij die spreekt? Hoe dan ook doen de appels en peren het goed en hebben we onze eerste fles appelcider in de maak. Luuk ziet al het fruit overigens uitsluitend als basis voor alcoholische dranken. De eerste (heerlijke!) druiven wilde hij ook al tot wijn transformeren, dus ik voorzie wel een keer een basis fermentatie-setje, ook voor de betere cider.
De rozentuin begint een fijn plekje te worden waar het goed theedrinken is. Als de ene roos is uitgebloeid, begint de andere roos weer. Ik weet alleen nog niet wat ik tussen de rozen moet doen, dus voorlopig klimop en strooisel.

Voor volgende maand is de regio hier al in rep en roer voor de verwachte eclips op 12 augustus. Hier is hij net niet volledig, maar toch 99%. Ik herinner me nog die van 1999, toen overdag de vogels stopten met fluiten. Wie de eclips hier wil komen zien in plaats van die schamele 90% in Nederland en België: het atelier is nog vrij voor die tijd, dus kom dan, want de volgende eclips is pas weer in 2081!

